Logo VVBTD

 

Ashley en Ellen

foto: links Ashley Landwehr - rechts Ellen Groeneveld 

 

Een onderzoek in je eigen omgeving, dat was de opdracht die Ellen Groeneveld en Ashley Landwehr in 1999 van hun aardrijkskundedocent Peter Doeleman mee kregen, toen ze beide leerling waren op het Jacob van Liesveldt. Geen makkelijk opdracht, omdat je er eigenlijk alle kanten mee op kon. Eigenlijk wilde we een onderwerp kiezen waar weinig over bekend was, vertellen Ellen en Ashley
Pas dan zou het voor ons een ‘onderzoek’ worden. Dat hebben we dus geweten!

Door onze ouders kwamen wij op het idee om het over de veerboot te houden. Dat is een stuk geschiedenis wat bij veel oude Hellevoeters bekend is maar ons eigenlijk weinig zei.

Door de verhalen van onze families (waarvan een groot deel in Goeree-Overflakkee woont omdat Ashley haar overgrootouders daar vandaan komen) zijn we best nieuwsgierig geworden hoe het vroeger allemaal was. Achteraf vonden we het heel leuk dat we juist dit onderwerp gekozen hebben, want hoe meer we op onderzoek uit gingen, hoe duidelijker het werd dat er eigenlijk heel weinig over de veerboot bekend was. En dat maakt het juist zo leuk. Omdat de veerboot verdween en de Haringvlietdam er voor in de plaats gekomen is, werd onze opdracht dus:

 

'Van Veerboot tot Dam'

 

Voor ons is het belangrijkste wat wij aan dit werkstuk overgehouden heb, het contact en de vriendschap met ‘Ome’ Piet Krijgsman, de hofmeester van de m.s. ”Haringvliet”. Aan hem dragen wij dit werkstuk op, omdat zonder zijn hulp en alle tijd die hij voor ons heeft vrijgemaakt, wij dit nooit voor elkaar gekregen hadden.

De geschiedenis van de R.T.M
Op 12 mei 1878 werd de Rotterdamse Tramweg Maatschappij opgericht. Twintig jaar later, in 1898, begon men met het exploiteren van stoomtramdiensten naar de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden. Met de exploitatie van veerdiensten tussen deze eilanden, in aansluiting op de daar dienstdoende trams, begon de R.T.M. in 1900.

Sommige veerdiensten werden ook beschouwd als toevoerlijnen voor de tramdiensten. 30 april 1909 werd de veerdienst Hellevoetsluis – Middelharnis-haven geopend. Op diezelfde datum werden de stoomtramdiensten Middelharnis-haven – Ouddorp – Ooltgensplaat met veel feestelijk vertoon in dienst gesteld. De veerdienst vormde de schakel tussen de stoomtramdiensten op Goeree–Overflakkee met die op Voorne–Putten, namelijk de lijn tussen Hellevoetsluis – Spijkenisse / Oostvoorne – Rotterdam.

3. minister van de sleijdeZeeziek
Het Haringvliet stond bekend als een moeilijk te bevaren rivier. Sterke stromingen, veel mist en tijdens de lange strenge winters, bergen ijs op het water. Gezien deze omstandigheden liet de R.T.M. boten bouwen, die berekend en aangepast waren voor de vaart op de Zuid-Hollandse en Zeeuwse stromen. Voor de vaart tussen Hellevoetsluis en Middelharnis-haven werd in april 1909 het s.s. “Minister Ph. W. v.d. Sleijden” in dienst gesteld welke gebouwd is op de scheepswerf van L. Smit en zn. te Kinderdijk en in 1900 aan de R.T.M. overgedragen.

De draaglast van het schip bedroeg 224 ton, het machinevermogen was 420 pk en het kon een vaarsnelheid van 12,5 knopen (=zeemijlen/uur, ±1,8 km/uur) ontwikkelen. Er was plaats voor 400 passagiers. Op het dek bevonden zich de passagierssalons eerste en tweede klasse met daartussen de opbouw van de machinekamer en de stoomketel. Ook benedendeks bevonden zich kajuiten voor het vervoer van eerste- en tweedeklas passagiers.

Tijdens ruw en stormachtig weer, wanneer de boot door hoog opgaande golven hevig heen en weer geslingerd werd, zochten de meeste passagiers een onderkomen in de benedendeks gelegen kajuiten. Daar had je het minst last van het slingeren van de boot, aldus het dekpersoneel.

Dat er toch nog enkele passagiers zeeziek werden gedurende de overtocht, was niet hun schuld. Noch die van de kapitein, want die hield zijn boot met de kop op de golven. Bij het oplopen van de haveningang kwam het schip dwars op de golven en stroom te liggen, als gevolg waarvan hoge golven op en over de boot sloegen. Dankzij het vakmanschap van de kapitein en de stuurman kwam het schip veilig voor de ponton.

Dat enkele passagiers tijdens een overtocht dachten een zeemansgraf te zullen vinden, laat zich verstaan. Temeer als men bedenkt dat zij, geplaagd door zeeziekte, als een voddenbaal op of over de banken in de kajuit hingen.

foto: ss Minister Ph. W.v.d.Sleijden

Terug naar overzicht

 

Logo VVBTD